Joomla Template by Create Website

The Inside Passage III

British Columbia, van Prince Rupert naar Cortes Island...Canada

In Prince Rupert hebben we een paar dagen mooi weer. We halen onze fietsen tevoorschijn, gaan zonder succes uit op een antenne voor de SSB radio en een telefoonabonnement en slaan groot in bij de supermarkt om voor de komende weken te provianderen.

 
Boodschappen

Tegen betaling van 10 dollar worden de boodschappen thuis bezorgd, dat wil zeggen aan dek gebracht! We ontmoeten Franse cruisers die we eerder tegenkwamen en eten gezellig bij hen aan boord. Samen vertrekken we op 30 augustus naar het zuiden. Het is dan slecht weer geworden. Er staat zoveel stroom en wind tegen, dat we na een paar mijl al ons anker uitgooien in een baaitje om het ergste weer voorbij te laten gaan. Na een paar uur kunnen we verder, naar Lawson Harbour. We zijn dan 21 mijl van Prince Rupert verwijderd. De Fransen varen nog een stukje verder naar een nederzetting met een steigertje, maar dat ziet er op de kaart zo petieterig uit dat wij ons daar niet aan wagen. De zoveelste zware depressie trekt over en de volgende dag blijven we noodgedwongen in Lawson liggen. We proberen nog even hoe het erbuiten is, maar als we met heel veel moeite een snelheid van 2 knopen kunnen halen keren we om. Daar gaan we onze tijd en diesel niet aan spenderen. Het wachten wordt beloond. We krijgen de wind in de rug en hoewel dat niet betekent dat je kunt zeilen in deze kronkelende wateren tussen de eilanden, scheelt dat wel in de snelheid. Op diverse trajecten begrijpen we niets van de stroomrichting. Te zien aan de snelheid staat de stroom mee, ook als de tabellen anders aangeven. Hoe dan ook, we profiteren ervan. Het weer wordt prachtig, zelfs heel warm.

Bella Bella zonsondergang

We hebben schitterende ankerplekken voor ons alleen en mooie zonsondergangen (de zonsopgangen gaan veelal aan ons voorbij). Halverwege onze tocht leggen we even aan in Bella Bella, een oude nederzetting, om diesel te tanken. Voor een paar dollar hebben we daar een uur internet, zodat we het thuisfront even kunnen laten weten waar we zijn en hoe we het maken. Verder hebben we geen communicatiemogelijkheden meer, want van onze onvolprezen Iridiumprovider in Nederland ontvingen we op 29 augustus een email dat per 1 september de oude simkaart zou worden vervangen door een nieuwe, die naar ons adres in Amsterdam zou worden gestuurd. Hoezo meedenken? 

 
Port Hardy, Vancouver Island, BC

Op 6 september moeten we de beruchte Cape Caution (what's in a name?) ronden. We komen uit Fitz Hugh Sound, moeten een stukje Queen Charlotte Sound oversteken om daarna Queen Charlotte Strait in te draaien. Dat is het vaarwater tussen Noord Vancouver Island en BC Mainland. Bij Cape Caution komen grote stromen uit diverse richtingen uit in de Sound en bij harde wind kan het daar spoken. Wij treffen het en tuffen over glad water. We vinden een schitterende beschutte maar niet al te royale ankerplaats en als 's avonds de wind opsteekt blijken we niet genoeg zwaairuimte te hebben. We komen te dicht bij de rotskust om een onbezorgde nachtrust te hebben en besluiten om alsnog weg te gaan. Het is dan bijna donker geworden, helemaal niet ideaal om in dit water op pad te gaan. Er drijven veel boomstammen rond omdat er veel houtkap is. We steken Queen Charlotte Strait over naar Port Hardy op Vancouver Island, zodat we in de haven kunnen aanleggen en niet in het donker ergens te hoeven ankeren. Het is een ingewikkelde situatie in de vissershaven van Port Hardy, maar dankzij de elektronische kaarten en onze koptelefoons lukt het om Madeleine veilig af te meren. Huib kan in het donker op de uitkijk staan om te zien hoe de werkelijkheid eruit ziet, terwijl ik er op de kaarten stuur. Van daar uit gaan we de Broughtons in. Dat is een eilandengroep tegen BC Mainland aan. Het is een zeer populair gebied waar we eindelijk weer eens wat andere boten tegenkomen. Helaas slaat het weer om, we hebben dagen achter elkaar stromende regen. Om die reden leggen we in Echo Bay aan waar 'Pierre' een resort heeft gebouwd. Meestal vermijden we dergelijke plaatsen, maar nu komt het goed uit. Het is een prima plek. Mooi opgezet, stevige steigers gebouwd op drijvende boomstammen, voorzien van elektriciteit en wifi. Omdat het seizoen voorbij is, is er helaas op zaterdagavond geen pig roast meer. Als we het bed helemaal kletsnat hebben laten regenen door een openstaand raampje ben ik heel blij met de wasmachine en de droger. Als je voor anker ligt, is de neus van de boot altijd in de wind en daarmee blijft het veelal droog in de kuip waar ons slaapkamerraam in uitkomt. Maar als je aan een steiger ligt kan de wind van alle kanten binnenkomen en dus ook in dat raam. Even vergeten.

Billy Proctor (85)

 

In Echo Bay woont de lokale beroemdheid en held Billy Proctor. Billy, nu 85 jaar, heeft zijn hele leven in dit gebied gewoond en gewerkt. Toen hij 7 jaar was verdronk zijn vader en met zijn moeder heeft hij jaren commercieel gevist. Op zijn achtste verkocht hij zijn eerste vis. Hij kent dit gebied als zijn broekzak en weet alles van de vissen, de zeehonden en de walvissen, hun gewoonten en hun gedrag. In de loop der jaren is er veel veranderd in de Broughtons. Vroeger leefden de mensen in kleine gemeenschappen, meestal in zogenaamde float houses. Dat zijn huizen die op boomstammen drijven en die in de zomer naar een plaats werden gesleept waar gevist werd en die ís winters naar een beschutte plaats werden teruggesleept.

Echo Bay, Billy's Museum

 

Overal waren kleine logging camps, waar op kleine schaal hout gekapt werd. Mensen moesten vergunningen aanvragen om te mogen vissen en om hout te kappen. Daarvoor mochten ze zelf een stukje kust uitzoeken wat hen geschikt leek. Deze bedrijvigheid zorgde voor werkgelegenheid ter plekke. In latere jaren kwamen er grotere vissersboten er van buiten, die op grotere schaal met grotere netten visten. Er werden prijzen gezet op zeehonden, zeeleeuwen en walvissen, omdat die viseters gezien werden als concurrenten voor de mens. Dit had tot gevolg dat deze dieren uit deze wateren verdwenen. De humpback whales werden geharpoeneerd en kwamen vele jaren lang niet meer terug. Tijdens Billy's leven zijn de ansjovis en de sardines door overbevissing verdwenen. Vroeger werd alleen in de winter op haring gevist, omdat ze in de zomer kuit schieten. Toen werd het seizoen uitgebreid naar de zomer, de boten en netten werden groter en na enkele zomers was ook de haring op. De vergunningen voor houtkap werden niet meer gegund aan de bewoners van de eilanden. Er kwamen grote bedrijven die grote stukken bos omkapten. Daardoor ontstonden er problemen voor de wilde zalm. De kleine logging camps kapten bomen vlakbij de kust, zodat de boomstammen gemakkelijk in het water vielen en vervoerd konden worden. De grote bedrijven kapten veel dieper land inwaarts en legden wegen en dammen aan om de stammen te vervoeren. Door de dammen kwamen rivierenmondingen waar de zalmen kuit schieten, droog te liggen. De eieren gingen verloren. Door erosie kwam veel grond en troep in de rivieren terecht, terwijl de jonge zalmen helder water nodig hebben. Rotsen werden met dynamiet opgeblazen ook tijdens het broedseizoen. Billy zag dat de eieren op 300 meter afstand van de explosie dood gingen. Er kwamen kwekerijen van Atlantische zalm en daarmee werden ziekten geïntroduceerd die de wilde zalmen besmetten. Grote delen van BC werden in de vijftiger jaren vanuit vliegtuigjes met DDT bespoten. De kleine vissers kregen het steeds moeilijker omdat hun nering verdween en de jonge mensen trokken weg uit de streek. In Echo Bay leefden indertijd 170 mensen, er was een school en een postkantoor. Nu wonen er nog maar 5 mensen. De school ging in 1995 dicht. Billy besefte dat het tijd was om actie te ondernemen, zette zijn verlegenheid over boord en begon brieven te schrijven naar het ministerie van visserij. Samen met lokale vissers zette hij een systeem op van kwekerijen voor wilde zalmen, vastbesloten om deze vissoort niet te laten uitroeien. De wilde zalm bleek namelijk al opgegeven te zijn door de officiele instanties. Nu, vele jaren later, wordt hij erkend als deskundige-bij-uitstek en heeft hij een plaats in beleidsoverleg. Hij schreef een reddingsplan voor de vissen. Wij bezoeken hem en zijn museum, waarin hij de voorwerpen die hij gedurende zijn hele leven uit de zee en op het strand heeft gevonden, heeft tentoongesteld. Een zeer innemende, bescheiden man met visie:


"A lot of people think they own things on this planet, but they are wrong, because we are just visiting for a short time and then we are gone... Everything was here before we came here, and I hope that everything will be here after we are gone." Billy Proctor
(lees ook Heart of the Rainforest, a life story, by Alexandra Morton & Billy Proctor)

 

 
Rapids

Als we verder gaan op weg naar onze (voorlopige) eindbestemming Cortes Island, wachten ons vijf zogenaamde rapids. Het water ten noorden en ten zuiden van Campbell River op Vancouver Island moet elk getij door nauwe doorgangen tussen de eilanden geperst worden, hetgeen imposante stroomversnellingen veroorzaakt. In Seymour Narrows bijvoorbeeld kan de snelheid van het water hierbij oplopen tot 14 knopen. Daarbij ontstaan ook gevaarlijke wervelingen en draaikolken waar je niet in terecht wilt komen. Het vergt dus zorgvuldige voorbereiding om op het juiste moment deze stroomversnellingen te passeren. Er is geen omweg, je moet er door heen. Gewapend met papieren en digitale tabellen gaan we aan het rekenen. We passeren tijdens halve maan, dat is gunstig want dan is het doodtij. Tijdens doodtij is het niveauverschil tussen eb en vloed minder groot dan bij springtij (zoals bij volle maan of nieuwe maan). Op sommige plaatsen scheelt dat wel vijf meter. Hoe minder water er passeert, hoe minder heftig de rapid. Je moet uitkienen dat je bij de kentering van het water, de overgang van eb naar vloed of omgekeerd, (slack) bij de rapid bent. Dan staat er de minste stroom in de ene of de andere richting. Per rapid verschilt het nog hoeveel tijd je aan weerszijden van de kentering hebt, het zogenaamde window. Natuurlijk is alles afhankelijk van het weer en van de eigenschappen van je boot.

Snelle Rakker

De supersnelle motorbootjes die je hier ziet rondscheuren hebben een groter window om er door heen te gaan dan wij met onze lage snelheid. Eerst moeten we nog een stukje Johnstone Strait passeren, ook een water met een slechte reputatie. Er komen veel snel stromende rivieren in uit en dat koude zoete water blijft op het warmere zoute water drijven. Deze bovenstroom kan de vloedstroom die de andere kant op staat volledig overrulen. Wij komen er met de tabellen niet uit. Het lijkt er op dat op de dag dat wij willen passeren er geen vloedstroom staat. De vloedstroom gaat naar het zuiden, dus die willen we graag mee hebben. 's Ochtends is de wind meestal nog niet zo hard, in de loop van de middag kan die behoorlijk aan trekken. We bereiden ons voor op 12 mijl buffelen tegen de stroom in, weliswaar met de voorspelling van wind in de rug, en gaan bij zonsopgang op pad. We motoren 3 kwartier de ankerbaai uit en komen om 7.45 uur in een spiegelgladde Johnstone Strait. Tot onze verbazing hebben we stroom mee, we gaan 5 knopen. Om 9.00 uur komt er een beetje wind, we hijsen de genua en maken 6 knopen. Om 9.30 uur ontstaan er kleine schuimkopjes, er staat 20 knopen wind en we gaan 7 knopen. Om 9.45 uur hebben we Johnstone Strait achter ons gelaten! Eerste hindernis genomen, we liggen ver voor op ons schema. Volgens planning zouden we de eerste rapids, Whirlpool genaamd, ís middags bij slack te passeren. We zijn er om 11.15 uur, een uur na de ochtend slack. Wat te doen? Het is schitterend weer, het is doodtij, durven we het aan of blijven we een paar uur dobberen voordat het weer slack is? We zetten de motoren een tandje harder en gaan. Gelukkig maar, want in 10 minuten zijn we er door heen en het valt reuze mee. Er staan wat wervelingen in het water en je moet goed sturen, maar dat is alles. We hebben de rest van de middag om naar de volgende rapids te gaan, die eigenlijk voor morgen op het programma stonden. We kunnen zeilen, maar doordat we nu de stroom tegen hebben komen we nauwelijks vooruit. Geeft niet, tijd zat. We moeten zelfs nog een uurtje voor anker gaan om de tijd tot het volgende slack te doden. Ook deze, Greene Point Rapids, nemen we zonder problemen. We zien hier het water zelfs amper bewegen, zo op tijd zijn we. Op veel plaatsen zijn de baaien en inhammen niet geschikt om te ankeren, omdat de rotsen steil in zee eindigen en het water tot vlak bij de kust erg diep is. Daar zijn veelal drijvende steigers gebouwd die tegen geringe vergoeding vrij toegankelijk zijn. We meren voor de nacht aan zo'n steiger af. De volgende dag moeten we 7 mijl varen voor we bij Dent Rapids zijn. Precies op slack gaan we daar door heen en zelfs dan staat er nog een aardige draaikolk in, Devil's Hole genaamd. Twee mijl verderop ligt de volgende doorgang, Gillard Passage. We hebben direct na Dent al flinke stroom tegen, maar in Gillard staat de stroom gelukkig nog een beetje mee. Ik laat me nog even afleiden door het gebrul van de zeeleeuwen die daar op de rotsen liggen en opgejaagd worden door een orca, een killer whale. Daardoor neem ik een bocht krapper dan ik gepland had, maar Neptunus is me goed gezind vandaag. Daarna komen we in de Yaculta Rapids die eindeloos lijken te duren omdat de stroom hier echt al gedraaid is. Maar ook hier geen enkel probleem.

 
Onze Canadese vrienden

Het is een schitterend gebied met resorts op de meest spectaculaire plekken. De watervliegtuigjes scheren af en aan langs ons heen. Om 13.00 uur is alles achter de rug, we tuffen in Calm Channel. Het is komisch dat je aan de naamgeving hier de gemoedstoestand kunt aflezen van George Vancouver en zijn mannen op hun ontdekkingsreis. Om 16.00 uur zijn we in Desolation Sound (captain Van had hier geen wind en dobberde 2 weken rond), een paradijselijk cruisersgebied waar onze vrienden Ron en Denise wonen, op Cortes Island. Om 17.00 uur liggen we aan de mooring voor hun deur in Tiber Bay. Een dag eerder dan gepland, zij het een jaar later!

 

 

The Inside Passage II

Van Wrangell, AK naar Prince Rupert, BC, Canada

In Wrangell worden we in de nieuwe marina gelegd, een eindje van het plaatsje af. Het is er tamelijk verlaten, saai. Wij wimpelen de aangeboden walstroom af, die hebben we immers niet nodig met onze grote zonnepanelen. Na drie dagen regen moeten we de havenmeester toch om een aansluiting vragen, want er komt geen straaltje zon binnen.

 
Anan Bay: Black bear

Een paar uur varen van Wrangell ligt Anan Bay. Daar is een uitkijkpost gebouwd van waaruit je beren kunt observeren die daar in de rivier komen ‘vissen’. Je kunt er zelf heen varen en ankeren, maar dan moet je op eigen gelegenheid over het strand en door het bos naar de uitkijkpost lopen en dat in bear country. Dat is niets voor mij, dus wij gaan georganiseerd. Dat blijkt goed uit te pakken. We scheuren in een motorboot met 35 knopen in vijf kwartier naar Anan.

 

 
Anan Bay berengids

We hebben een gids die veel ervaring met beren heeft en die ons groepje (wij en drie dames uit Seattle) begeleidt, een groot geweer over zijn schouder. Als we naar de uitkijkpost lopen zien we diverse plekken waar de beren ons pad regelmatig kruisen. We krijgen de instructie om luid te praten en vóór elke bocht roept de gids hey bear! Er zijn gelukkig geen close encounters. Bij de rivier komen de beren rustig aanlopen, nemen hun positie aan de oever in en graaien met hun poten of hun bek de ene zalm na de andere uit het water. Het zijn slordige eters. Na een paar flinke happen is de rest van de vis voor de meeuwen en de adelaars.

Zalm vissers

Het is een indrukwekkend gezicht, die enorme dieren zo dichtbij. We zien diverse berenjongen, cubs. Op de uitkijkpost staan ook weer bewakers. Als er een beer te dichtbij komt of zijn poten op de balustrade legt, wordt hij weggejaagd. Nadat we dit gezien hebben zijn we heel blij dat we in gezelschap verkeren. We zouden daar niet graag met zijn tweeën hebben rondgescharreld. Onze gids vertelt dat hij inderdaad op de terugweg altijd veel minder moeite heeft om zijn groep bij elkaar te houden dan op de heenweg. Dan zijn sommigen nog wel eens nonchalant, maar na afloop is iedereen onder gepaste indruk en gemotiveerd om dicht bij elkaar te blijven.

Koptelefoon

In Wrangell worden op het postkantoor onze koptelefoons bezorgd. Toen we in Baranof Hot Springs aan de steiger lagen, legde daar een echtpaar in een motorboot aan. Dat ging heel soepel en we hoorden geen woord, terwijl hij binnen stond achter het stuur en zij buiten. Daar moest ik het mijne van hebben en wat bleek: zij communiceerden via koptelefoons. Dat is handig! Gewoon zachtjes fluisterend met elkaar praten tijdens manoeuvreren, ook als je elkaar niet kunt zien. We mogen ze uitproberen en de vrouw vertrouwt me toe it safes your marriage. Mijn idee. We noteren de leverancier en bestellen de koptelefoons bij de eerste de beste internet gelegenheid, in Petersburg, en laten ze naar onze volgende pleisterplaats sturen, Wrangell. Vol verwachting proberen we ze uit bij het afvaren in Wrangell en het aanleggen aan het fueldock. Geweldig. Geen stress, want je weet zeker dat de ander je goed verstaat en de juiste instructies geeft.

Het weer blijft hopeloos. Het regent dagen achter een. Voor de vis en voor het land is dat goed, want er zijn voor de tweede zomer op rij enorme bosbranden aan de kust van British Columbia. Maar voor ons maakt het de prachtige omgeving met al zijn groen wel wat somber. We tuffen verder naar Ketchikan, onderweg een dag doorbrengend in Meyers Chuck omdat het stormt. Omdat we Ketchikan niet bij daglicht kunnen halen gaan we een paar mijl ten noorden ervan voor anker. Onze uitgekozen plek blijkt een privé jachthaven te zijn en we mogen niet aan de steiger blijven liggen. We ankeren op een tamelijk onbeschutte plek en als we ‘s avonds het weerbericht ophalen blijkt dat er een diepe depressie over komt. We besluiten om alsnog naar Ketchikan te gaan. Het is inmiddels donker geworden. Het vaarwater wat we door moeten, Tongass Narrows, kent diverse ondiepten en rotspartijen, waarschijnlijk niet voor niets Danger Islands genaamd. Als ons een visser passeert gaan we vlug achter hem aan. Hij ziet onze manoeuvre en roept ons op via de marifoon om te informeren of het onze bedoeling is om achter hem aan te varen. Als we dat bevestigen reduceert hij zijn snelheid drastisch en leidt ons langs de gevaarlijke plekken. Pas nadat hij gecheckt heeft of wij weten hoe we verder moeten zet hij er weer de sokken en gaat naar zijn eigen overnachtingsplaats. In stromende regen komen we in Ketchikan’s marina aan. Het ligt er mudvol, maar tot onze opluchting zien we één vrije plek vlak bij de ingang. Met onze koptelefoons op lukt het keurig om Madeleine in dit pokkenweer aan de steiger te vlijen zonder onze buren te wekken.

 
ms Nieuw Amsterdam in Ketchikan, AK

Ketchikan is erg toeristisch, maar desondanks leuk. Er zijn vier terminals voor enorme cruiseschepen. Als wij er zijn liggen er twee cruisers van de Holland America Line, de Nieuw Amsterdam en de Eurodam, naast twee andere. Er zijn 9700 toeristen in het stadje! Het oude centrum is gelegen rond de kreek waarin de zalm stroomopwaarts zwemt om te gaan kuit schieten. Door de stroomversnellingen is dat een flinke prestatie. Als ze eenmaal in rustig water zijn aangeland liggen ze met duizenden stil in het water. Hoe langer je kijkt hoe meer je er ziet.

 

Ketchikan is onze laatste aanlegplaats in Alaska. We kunnen niet geloven dat we geen formaliteiten hoeven te vervullen bij het verlaten van de USA, maar de douane die we steeds telefonisch consulteren (je moet je melden op elke plaats waar je aankomt) verzekert ons dat we gewoon weg kunnen varen en dat ze al decennia geen stempels meer in paspoorten geven. Je moet direct naar Prince Rupert in Canada varen (94 mijl) en je daar bij de Canadese douane melden, ook telefonisch. We krijgen toestemming om één nacht onderweg te ankeren, ofwel in Alaska, ofwel in Canada, omdat we deze afstand niet bij daglicht kunnen afleggen. We varen om 6.00 uur af, als het een beetje licht gaat worden, om maximaal de stroom mee te hebben. Het is bewolkt en regenachtig, maar in de middag breekt de zon een beetje door. Van Amerikaanse cruisers hebben we een mooie ankerplek aangeraden gekregen, net over de Canadese grens.

...Canada

De volgende dag kunnen we zowaar een heel stuk zeilen als we wind en stroom mee hebben. Diezelfde cruisers hebben ons op een kruipdoor sluipdoor route gewezen om Prince Rupert te bereiken, zodat we niet een heel eind om hoeven te varen. We komen in de middag aan en na enige moeite dringen we telefonisch tot de douane door en klaren in. We krijgen een nummer wat we zichtbaar moeten ophangen en dat is alles. We mogen hier een half jaar blijven.

 

The Inside Passage I

Zuidoost Alaska, van Sitka naar Wrangell

Sitka is een leuk stadje op Baranof Island aan de oostkust van de Golf van Alaska, de Amerikaanse Westkust. Aan de Amerikaanse Noordwest kust wonen van oudsher de Indianen, de Tlingit, Haida en Tsimshian. In de rest van Alaska de Eskimo’s, de Inupiat, Yupik, Aleut, Alutiiq en Athabascan. Duizenden jaren geleden vestigden de Tlingit zich hier en noemden de plaats Sheet’ka (by the sea). Zij leefden van de zee en van het land, in evenwicht met de natuur, zoals alle native stammen van Alaska.

  
Tussen de Russen...
  
Totem Square

In 1799 kwamen de Russen in verband met de lucratieve handel in het bont van zeeotters. Enkele jaren werd er flink strijd geleverd tussen de Russen en de Kiks.adi clan, maar in een bloedige strijd werden de Kiks.adi in 1804 verslagen en van hun land verdreven. Alexander Baranof was de gouverneur van Russisch Amerika. Sheet’ka werd omgedoopt in Novo Archangelsk en fungeerde als hoofdstad van Russisch Amerika. Het werd het centrum van de wereldwijde bonthandel, waarvan de Russian-American Company het alleenrecht had. Novo Archangelsk was de grootste stad aan de Westkust en werd wel het Parijs van de Pacific genoemd. Na enkele decennia liep de bonthandel terug omdat de zeeotterpopulatie bijna uitgeroeid was. Rusland verkeerde in geldnood en bood Alaska te koop aan aan de Verenigde Staten van Amerika, voor 2 dollar cent per acre. In 1867 werd Alaska overgedragen van de Russen aan de Amerikanen. De overdrachtsceremonie vond plaats op Castle Hill in Novo Archangelsk. Op deze rots was oorspronkelijk het verdedigingsfort van de Kiks.adi gebouwd. De Amerikanen doopten de plaats om tot Sitka en dit bleef 40 jaar de hoofdstad van Alaska Territory. Veel eilanden in Zuidoost Alaska dragen Russische namen (Baranof, Kupreanof, Chichagof, Woewodski, om er maar een paar te noemen). De Engelse namen zijn gegeven door George Vancouver, die vanuit Engeland Alaska en British Columbia in kaart heeft gebracht. In Kodiak en Sitka herinnert nog veel aan de Russische periode. Het is huiveringwekkend om te bedenken hoe anders de wereld er uit zou zien als de Russen dit immense gebied met toegang tot de Pacific in bezit hadden gehouden. In 1959 werd Alaska de 49ste staat van de US. De laatste jaren zijn er regelingen gemaakt waarbij overal in Alaska land wordt teruggegeven aan de oorspronkelijke bewoners. Sommige eilanden krijgen hun oorspronkelijke namen weer terug (bijvoorbeeld de Queen Charlotte eilanden die nu de Haida Gwaii heten (naar de native Haida clan)).

Het Sitka National Historical Park is gelegen op de plaats van de strijd tussen de Kiks.adi en de Russen. Vijftien totempalen van Haida en Tlingit clans staan langs de paden in het regenwoud. We zien één van de meest vooraanstaande houtbewerkers aan het werk in zijn atelier. Vanaf zijn achtste jaar is deze Tlingit al bezig met houtbewerken. Hij heeft diverse totempalen en totemversieringen voor de stad gemaakt, onder andere de totempaal ter ere van het honderdjarige bestaan van Sitka. Totempalen beelden een verhaal uit of vertellen de geschiedenis van de clan of de persoon die de paal heeft laten maken. De Baranoftotempaal op Totemsquare draagt Baranof in de top en de dubbelhoofdige adelaar beeldt Sitka’s Russische verleden uit.

    
    Totem
      
      Totem
     
   Totem
 
      
    Totem
          
       
     Totem
    Totem

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Russisch-Orthodoxe priesters verdiepten zich in de taal en de cultuur van de Tlingit. Zij hielpen om de taal op schrift te stellen door een alfabet te ontwerpen en ze openden scholen voor de Tlingit. Later kwamen de Amerikaanse priesters die de Tlingit verboden om in hun eigen taal te spreken. Het is dan ook geen wonder dat de Russisch-Orthodoxe kerk nog zo’n belangrijke rol speelt in dit deel van het huidige Amerika. Ik woon een kerkdienst bij en wordt verrast door de heldere en humoristische ‘preek’ die Father Michael houdt. Dat had ik niet verwacht na de eindeloze rituelen bestaande uit het kussen van relikwieën, heiligenportretten en de bijbel, het rondgaan met de wierookpot langs alle heiligen en het voortdurend herhaalde Lordhavemercy.

   
Sitka AK, Saint Michael's Russian Orthodox Cathedral
    

 

 

 

 

 

 

 

 

De Presbyteriaanse priester Sheldon Jackson zag het belang in van het verzamelen van historische, culturele en natuurhistorische objecten. Hij begon een verzameling aan te leggen en liet in 1897 het eerste betonnen gebouw in Alaska bouwen, zodat de collectie niet het gevaar liep om bij een brand in vlammen op te gaan. Het is het huidige Sheldon Jackson museum, propvol met de meest uiteenlopende voorwerpen. Indrukwekkend is hoe de natives alle organen van de dieren die ze doodden gebruikten. Van darmen, slokdarm, maag werd waterdichte kleding gemaakt. Ze hadden daarvoor een uitgebreid proces om de darmen te bewerken, onder andere in een urinebad. De vrouwen konden de naden zodanig dichtmaken dat ze niet lekten. De parka’s werden aan de onderkant rond het gat in de kano waar men inzat gesnoerd zodat men daaronder volkomen droog bleef. Met caribouhaar en kralen werden de kledingstukken versierd. De laarzen die ze maakten ze onder andere van bont werden ook met kralen versierd, prachtig.

Wij wonen een dansvoorstelling bij van de Naa Kahidi Dancers die traditionele liederen en dansen van de Tlingit uitvoeren.

Sheet'ka Kwaán Naa Kahidi   theater

 

Na een week opsnuiven van cultuur trekken we verder. We varen om de noordkant van Baranof Island heen. Overdag tuffen we langs de imposante bergachtige kust en ’s avonds zoeken we een mooie ankerplaats, meestal voor ons alleen. Aan de oostkant van het eiland liggen de Hot Springs en daar wil ik graag heen. Sinds maanden hebben we geen warme douche meer gehad. De douches waarvan we in de havens gebruik konden maken vonden we niet aantrekkelijk genoeg

  
Baranof Hot Springs
  
Hot Bath

De Hot Springs zelf zijn gelegen naast een oorverdovende waterval en de rotsen zijn glibberig van de algen. Voor het gemak van de gebruikers is er een badhuisje gebouwd met drie kamertjes waarin een groot bad staat wat gevuld wordt met het hete water uit de bron. De baden staan gevuld en wel uitnodigend klaar. Huib die er helemaal geen zin in had ligt er als eerste in en laat zich heerlijk warm worden. Mij is het veel te heet, ik moet er flink wat koud water bij doen voordat ik het kan verdragen. Vanuit het bad hebben we uitzicht op de waterval en de bergen.

 

  
Kelp

Bij de Hot Springs zijn steigers gebouwd waaraan je kunt aanleggen. Dat is handig om naar de wal te komen. Als we bezig zijn met de voorbereidingen om aan te leggen merken we dat Madeleine moeilijk manoeuvreerbaar is. Met heel veel moeite geraken we aan de kant. Huib laat de dinghy te water en gaat op onderzoek uit. Het water is helder zodat hij de roeren en de schroeven goed kan zien. Er blijken lange slierten kelp in de schroeven gedraaid te zijn. Vooroverhangend in de dinghy kan hij er voldoende bijkomen om dit te verwijderen. Omdat hij er toch niet helemaal gerust op is gaat hij de volgende dag het ijskoude water in om de schroeven van dichtbij te inspecteren. Gelukkig zijn ze schoon, zodat het een korte expeditie kan zijn. Daarna gaat hij met duikpak en al het warme bad weer in.

  
Humpback Whales

 

We hadden ons bij het varen voorbereid op het gevaar van drijvende boomstammen en zogenaamde dead heads. Dat zijn boomstammen die zich helemaal vol water hebben gezogen en die rechtop in het water staan. Soms steken ze boven het wateroppervlak uit. Ze zijn loodzwaar en te vergelijken met een betonnen paal. Als je er tegen aan knalt heb je grote kans op een gat in de romp. In dit deel van Zuidoost Alaska vindt echter geen bosbouw plaats, dus er drijft geen hout.

Waar we niet op hadden gerekend is dat kelp een bedreiging voor ons zou zijn. In koude streken en aan de polen ontstaan op de tijdens eb droogvallende rotsachtige kusten zogenaamde kelp forests. Kelp is de benaming voor grote bruine algen die in lengte variëren van 0.5 tot 50 meter. De Giant Kelp, Macrocystis pyrifera, komt vooral voor in koud, helder water. Met een kluit en wortelstelsel, de ‘holdfast’, hecht de plant op harde ondergrond en rots. Anders dan de echte wortels van hogere planten, nemen de wortels geen nutriënten of water op. De bladeren van kelp zitten aan het einde van de lange stengel. Een drijflichaam, pneumatocyste, zorgt ervoor dat de bladeren aan het wateroppervlak drijven en voldoende licht krijgen voor fotosynthese. Om deze tijd van het jaar laat kelp los van de ondergrond en drijft naar een nieuwe plek om zich te nestelen. We proberen wel een beetje langs kelp heen te varen, maar er ligt zoveel in het water, dat dat haast onmogelijk is. Op een gegeven moment maakt de stuurboord motor een vreemd geluid en we zien witte rook uit de uitlaat komen. Het zeewaterkoelsysteem blijkt leeg te staan, kennelijk is de toevoer verstopt geraakt. Gelukkig kunnen we het probleem verhelpen door er van boven af water in te gieten. Daarna controleren we dagelijks de wierpotten. Meestal zitten die vol groen slijm, maar af en toe halen we er toch ook een sliert uit. Bij Baranof Hot Springs zitten de schroeven helemaal volgedraaid met taaie stengels, zie boven. Van collega cruisers krijgen we de tip om bij verdenking op iets in de schroef voorzichtig een paar keer voor- en achteruit te manoeuvreren, zodat de stengels weer vrij komen. Dat blijkt inderdaad goed te werken. Als we op een ochtend het anker op willen halen blijkt er een enorme partij kelp aan de ketting te hangen. Het is nog een heel karwei om dat los te krijgen en zodanig in het water terug te gooien dat het niet onmiddellijk de schroeven in drijft. Er staat hier behoorlijke stroom overal.

  
Dall's Porpoise

We hebben bijna twee weken lang stralend zonnig weer. De natuur is overweldigend. Spiegelglad water, blauwe lucht waartegen besneeuwde toppen en gletsjers zich aftekenen. We komen enkele cruisers en vissersboten tegen, verder is het hier ongerept en verlaten. We worden er stil van. We zien aardig wat walvissen, in groepjes of alleen, en voor het eerst ook Dall’s Porpoises. Dat zijn zwart-witte dolfijnen die vrolijk om de boot heen zigzaggen. Natuurlijk ook zeehonden, zeeleeuwen, zeeotters en adelaars.

 

   
Open haard
Sitka Blacktail  Deer

 

 

 

 

 

 

 

We liggen een paar dagen in Petersburg op Mitkof Island.Dit stadje is gesticht door de Noor Peter Buschmann en naar hem vernoemd. De inwoners gaan prat op hun Noorse afkomst, er zijn veel Noorse namen en eens per jaar het Little Norway Festival met klederdracht. We maken een fietstocht naar een strandje en treffen daar een open houten blokhut aan met een heerlijk geurend houtvuur in een grote open haard. Als wij daar onze meegebrachte muffins zitten te eten stapt er een hert langs. Het trekt zich weinig van ons aan en doet zich te goed aan de blaadjes van de Fireweed, een wijdverspreide bloeiende bermplant.

Vandaar voeren de Wrangell Narrows naar Wrangell, onze volgende pleisterplaats. Deze Narrows zijn een 21 mijl lang smal vaarwater tussen Mitkof Island aan de ene kant en Kupreanof en Woewodski Island aan de andere kant. De Narrows worden vanuit het noorden en vanuit het zuiden gevuld en op 1/3 van de afstand keert de stroom om. Je kunt het vergelijken met een wantij in de Waddenzee, alleen valt het hier niet droog. De kunst is om je tocht zo uit te kienen dat je over het hele traject de stroom mee hebt. De reisgids die we hier hanteren is geschreven door het echtpaar Don en Réanne Douglas, die hier vele jaren hebben rondgevaren en het gebied voor de cruiser goed in kaart hebben gebracht. Zij beschrijven de passage als een piloting challenge die je heel goed moet voorbereiden en als je hem met succes hebt afgelegd is het very satisfying to include a passage through Wrangell Narrows among your cruising accomplishments. We bereiden het braaf voor en berekenen het tijdstip van vertrek. We hebben flinke stroom mee en we schieten goed op. Er is niet al te veel verkeer, een paar keer worden we door een groot schip ingehaald dan wel tegemoet gevaren. Er is druk overleg onderling tussen de schepen via de VHF. In drieëneenhalf uur zijn we er door. Dan kunnen we naar eer en geweten zeggen dat de passage van Harlingen naar Terschelling een heel wat grotere uitdaging is.

Slecht weer op komst

Het mooie weer is inmiddels afgelopen. De wolken hangen laag, het regent regelmatig. Het wordt al snel veel vroeger donker dan een paar weken geleden. We hopen niet dat de zomer hier nu al voorbij is!

De Golf van Alaska over, tussen de buien door

De Golf van Alaska over, tussen de buien door

Op dinsdag 18 juli, 2017 komen we aan in Cordova, onze laatste stop in Prince William Sound. We zijn net op tijd binnen voordat er een depressie over komt, met 35 knopen wind, windkracht 8.

 
 
 
Hank did not make it
Cordova Conventie Centrum
Monument voor vissers

We merken daar niets van als we beschut in de haven liggen. Het regent een dag stevig en daarna krijgen we een paar dagen zon. We maken een tocht over de enige (doodlopende) highway van Cordova. In de twintiger jaren van de vorige eeuw was Cordova een booming town. Er bleek koper gevonden te worden in het binnenland, er werden kopermijnen geopend en er werd een spoorlijn aangelegd om het koper naar de stad te vervoeren. Dat was een enorme prestatie, want er moesten heel veel bruggen worden aangelegd. In de dertiger jaren werd de opbrengst van de mijnen steeds minder, uiteindelijk werden ze gesloten en in 1938 werd de spoorlijn opgeheven. Er ligt nu nog een stuk highway die 48 mijl het binnenland in gaat.

 
Copper River Bridge...

De weg is na 36 mijl afgesloten, omdat de volgende brug over de Copper River is ingestort. We huren een dag een auto om die 36 mijl te rijden. De delta van de Copper River is enorm. De wetlands zijn de grootste van de USA en ecologisch zeer belangrijk, onder andere voor trekvogels. Ten noorden van de wetlands bevinden zich de Chugach Mountains met diverse gletsjers. Zoals overal in Amerika zijn ook hier veel goed aangegeven hikes en trails.

 

Copper River Wetlands

Wij hebben een wandeling uitgezocht naar een gletsjer, eerst door het bos en daarna door een ijsvallei. De berenspray bij de hand en luid pratend lopen wij door het bos. In Seward had ik ook een belletje aangeschaft als berenafschrikker, zodat je niet de hele tijd hoeft te lopen toeteren.  Maar nadien vertelde een ranger me dat dat belletje niet werkt, omdat beren het geluid daarvan niet met mensen associeren. Dat van een toeter wel. Ze zeggen hier voor de grap dat je de poep van een grizzly kunt onderscheiden van die van een zwarte beer doordat er een belletje in zit.

Verse berenpoep

Na een half uur wandelen ligt er midden voor ons op het pad opeens een grote hoop berenpoep. Vers. We willen het noodlot niet tarten en maken rechtsomkeert. Later zien we op de highway (een gravelweg) in de verte een beer lopen en ook daar verse berenpoep op de weg. Door de wetlands is er gelukkig een veilige boardwalk gemaakt waar we wel op durven. Ook daar bevinden zich beren, maar die krijgen we niet te zien. Onze buren in de haven hebben met hun kinderen een wandeling gemaakt naar een andere gletsjer en die moeten wij toch ook kunnen maken. Dat doen we en het is prachtig.

 
Arctic Lupines
Sheridan Glacier
  

Het bos staat vol met blauwe (Arctic) lupines en andere bloemen. Boven de gletsjer hangen lage wolken. Er ligt een meertje van roerloos melkachtig gletsjerwater waarin ijsbergen drijven. Er hangt een mystiek sfeertje. Gelukkig hebben we daar al volop lopen genieten als we alweer bijna in de verse berenpoep trappen. We zijn blij als we veilig in de auto zitten. 
De depressie is voorbij, de weersvoorspelling is goed en op maandag 24 juli nemen we afscheid van Prince William Sound en West Alaska. We gaan de Golf van Alaska oversteken naar de Amerikaanse Westcoast. Verwarrend genoeg heet het daar Zuidoost Alaska. De trip naar Sitka op Baranov Island is 475 mijl. De eerste 50 mijl moeten we op de motor varen voor we de Sound uit zijn. Dan kunnen we de genua hijsen. Er staat een licht westenwindje wat ons met een snelheid van 4 knopen vooruit blaast. He probleem in Alaska is dat het of te hard  of niet genoeg waait om lekker te kunnen zeilen. Dat ondervinden wij ook. De windvoorspelling voor de komende dagen is 'variabel, minder dan 15 knopen'. Lekker rustig dus, maar onder de 10 knopen kom je nauwelijks meer vooruit met achterlijke wind. En anders dan in de Zuid Pacific doet het er hier wel degelijk toe dat je snelheid maakt, want het weer kan binnen 24 uur omslaan ondanks gunstige voorspellingen. Dus toch maar weer de motor aan als de snelheid onder de 3 knopen zakt. Onderweg proberen we altijd weersinformatie binnen te krijgen via radioverbinding met een walstation. Op dit traject is dat Friday Harbor, WA. Hoe vaak we het ook proberen, Friday Harbor geeft niet thuis. Uiteindelijk lukt het na veel moeite één keer om verbinding te krijgen en dan blijkt dat er aan het eind van de week weer een depressie aankomt, zelfs met windstoten tot 45 knopen (Bft 9). Dat willen we niet meemaken. Op donderdag draait de wind steeds meer van west naar zuid als voorbode van het lage drukgebied wat er aan komt en tenslotte wordt de wind zuidoost, precies onze vaarrichting. Liefst gebruiken we onderweg één motor, zodat we in elk geval rustig kunnen slapen in de kooi aan de andere kant. Maar nu hebben we er twee nodig om tegen 20 knopen wind en golven in te gaan. En dan nog komt de snelheid nauwelijks boven de 3 knopen. De laatste 50 mijl hebben dan ook meer het karakter van ploeteren dan van zeilen. Maar vrijdagmiddag 28 juli zien we Mount Edgecrumbe voor ons, aan de ingang van Sitka Sound, en om 18.00 uur liggen we netjes afgemeerd in Eliason Harbor, Sitka. Vóór de bui binnen!

Prince William Sound, AK

 

Prince William Sound, juli 2017

Naar Prince William Sound (PWS, de Sound) hebben wij lang uitgekeken. Het is één van de hoogtepunten van onze reis en waarschijnlijk ook het noordelijkste gebied waar we zullen komen, boven in de noordwest hoek van de Golf van Alaska. 

Culross Passage, Chugach Mountains

De twee eilanden Montague en Hinchinbrook vormen als het ware een breakwater die de Sound beschut tegen de open Pacific. Daardoor ontstaat een gebied met in het algemeen rustig vaarwater zonder sterk getij zoals elders in Alaska. Cruiser's paradise, zoals de Amerikanen dit noemen. En dat is het. Met zijn talloze fjorden, baaien, inhammen, eilanden is er een kustlijn die drie jaar zou kosten als je die helemaal langs zou willen varen. Het landschap is bergachtig en omdat de kustlijn zo grillig is, wisselt het uitzicht voortdurend. De Sound wordt aan de noordzijde begrensd door de imposante Chugach Mountains, met toppen van meer dan 3000 meter. Daar bevinden zich honderden kleine en grotere gletsjers.

 

Gletsjers worden gedefinieerd als rivieren van glaciaal ijs (ijs met minder dan 10% lucht erin) en zijn dynamisch, ze stromen. Het uiteinde van de gletsjer, de toe (teen), verplaatst zich voortdurend. De meeste gletsjers trekken zich de laatste decennia terug, maar sommige groeien. 's Winters groeit de gletsjer door nieuwe sneeuwval, 's zomers smelt hij af.

Tidal water glacier

Op de meeste plaatsen is dit proces niet in evenwicht, zodat de gletsjer kleiner wordt. Een gletsjer die in de zee uitmondt heet een tidal water glacier. Voortdurend breken er onder luid geknal stukken ijs af en bij een tidal water glacier drijft veel ijs in het water. Dat is gunstig voor de harbor seals (zeehonden) die daarop nestelen en jongen krijgen. Als de gletsjer zich op het land terugtrekt verandert hun habitat zodanig, dat de zeehonden weg trekken. De kale rots die achterblijft wordt geleidelijk, in de loop van tientallen jaren, begroeid. Eerst met mos en gras, vervolgens met loofbomen, wilgen en berken, en na meer dan honderd jaar met naaldbomen, vooral Sitka Spruce. Als het regent en bewolkt is, gaat er van deze dichte donkere bebossing wat mij betreft een zekere beklemming uit. Ik houd meer van open, lichtgroen bos wat beweegt en niet zo stijf de lucht in gaat als een spar. Al deze stadia van begroeiing zie je langs komen. De meeste eilanden zijn onbewoond en bestaan uit ongerepte wildernis. De mens heeft hier (nog) niets aan verpest. Er is geen bebouwing, geen ontginning, geen boomkap. Er is geen horizonvervuiling zoals wij die kennen van flats, schoorstenen, elektriciteitsmasten, windmolens, reclameborden, noem maar op. En er is geen lawaai. Wat je hoort is het geluid van de natuur zelf, de vogels, de watervallen, de gletsjers, de regen, de wind. En af en toe een andere boot, meestal een visser. Als je voor anker ligt kun je een speld horen vallen. Een verademing voor je gehoor, als je dat tenminste zo kunt zeggen. 

Black Bear

In dit paradijs hebben wij een maand lang mogen rondscharrelen. En eerlijk is eerlijk, er is altijd een keerzijde en voor de zeiler is dat het ontbreken van wind in de Sound. We hebben zo'n 400 mijl afgelegd en dat veelal op de motor. Hoe heerlijk zou het zijn als je je in de stralende zon, stilletjes glijdend tussen al dit moois zou kunnen voortbewegen. Hier hebben we de tweede keerzijde al direct te pakken: het weer. Het weer in Alaska is dat van extremen. Als de zon schijnt weet je niet wat je ziet, met een stralend strakblauwe lucht waartegen de besneeuwde toppen zich aftekenen. Wij kennen dit alleen van de wintersport in de Alpen en het is vervreemdend om nu in dergelijk landschap te varen in plaats van te skiën. Als het regent kan dat wel enkele dagen aanhouden. Dan is het zicht slecht door zeer laaghangende bewolking en is al het moois onzichtbaar.

Harbor Seals

 

Op 22 juni komen we de Sound binnen in het westen, vanuit Seward. De eerste dagen hebben we prachtig weer. We boffen enorm, want we zien veel walvissen, sommige van heel dicht bij, en op de eerste ankerplaats ook een zwarte beer. Die wandelt doodgemoedereerd over het strand. Op de tweede ankerplaats worden we 's ochtends wakker naast een kolonie zeehonden. Die liggen op de rotsen midden in de baai, die onder water stonden toen wij bij hoogwater aankwamen, maar die nu drooggevallen zijn. Wat een leuke beesten. Ze kijken ons allemaal heel nieuwsgierig aan, maar bij de minste beweging schieten ze het water in. Opa ligt pontificaal vóór de rotsen in het water om over zijn familie te waken.

 
Iceberg Bit

Als we naar onze eerste gletsjer op weg zijn duurt het even voordat we ons realiseren wat we zien drijven: een ijsberg(je). IJsbergen, glaciaal ijs, worden onderverdeeld in brash (schotsen), growlers (meer dan 2 meter in doorsnee, minder dan 1 meter boven zeeoppervlak), berg bits (1-3 meter boven zeeoppervlak, ter grootte van een hut) en icebergs (meer dan 3 meter boven zee). Het in de Sound drijvende ijs bestaat voornamelijk uit brash en growlers. Er breken wel grotere stukken ijs van de gletsjer af, maar deze worden meestal tegengehouden op de morene. Elke gletsjer heeft een morene, dat is de drempel die hij voor zich uit schuift en waarop zand en stenen worden afgezet. Grote ijsbergen komen niet over deze drempel heen en worden in kleinere stukken gebroken. Het grootste deel van de ijsberg bevindt zich per definitie onder water. Als de ijsberg veel rots bevat is hij vanzelfsprekend zwaarder en kan zo laag in het water liggen dat hij nauwelijks zichtbaar is. In Icy Bay varen we voor het eerst tussen het ijs door. Als je de baai van een gletsjer binnenkomt wordt het plotseling een stuk kouder en meestal staat er wind vanaf de gletsjer. Wij profiteren daarvan om op de genua de baai uit te zeilen. De volgende dagen wordt het bewolkt en het gaat regenen. Als we twee dagen later weer langs Icy Bay varen is die helemaal aan het oog onttrokken. We liggen een paar dagen in de regen in een prachtige beschutte baai, Jackpot Bay.

Daar wordt gevist op garnalen en de vissers die daar komen, veelal sportvissers, bieden ons spontaan zakkenvol aan. Heerlijke grote sappige garnalen, vers gevangen. Ze vinden het vanzelfsprekend om de rijkdom van de zee te delen. Om een idee te geven: er zwemmen ongeveer 1000 walvissen in de Sound rond en die eten elk een ton voedsel per dag. Dat bestaat voornamelijk uit plankton en kleine visjes. De grotere vissen laten ze ongemoeid, die zijn voor de zeehonden, zeeleeuwen en beren. En voor de mens. Het grootste zoogdier ter wereld voedt zich dus met de kleinste waterdiertjes.

 

 

Barry Arm
 
Cascade, Barry en Coxe Glaciers
Na de regenweek hebben we een paar dagen stralend weer en we boffen weer dat we dan net bij de mooiste gletsjers van de Sound zijn. We dobberen een dag rond vlak bij de gletsjers, tussen het ijs en de zeeotters en ankeren aan het eind van de dag in Serpentine Cove, aan de voet van de teruggetrokken Serpentine Glacier. Boven de morene staat maar 3 meter water, maar dat is genoeg voor ons om naar binnen te schuifelen. Een roerloze avond met bladstil water om ons heen, omzoomd door besneeuwde toppen. Op het strand zien we de schuwe berggeiten lopen. Geknal van afbrekend ijs en geklater van de talloze grotere en kleinere watervallen.
Overal waar je kijkt gutst het water van de bergen af. Na de gletsjers komen we in het centrale deel van de Sound aan. Het landschap is hier anders, de bergen zijn lager en groener, er is meer begroeiing. We komen in het gebied van de zalmriviertjes. Er wordt dus ook heel veel gevist. De vissersboten zijn hier kleiner dan die we in Kodiak zagen. Die waren vooral bedoeld voor de grimmige Bering Zee. Er wordt met netten gevist, op twee verschillende manieren. Ten eerste zijn er de gill netters. Er wordt vanaf de boot een lang net naar de wal uitgezet waarin de vissen zich met de kieuwen klem zwemmen. Gills zijn kieuwen, vandaar de naam. Het net wordt binnenboord getakeld en de vissen worden er met de hand stuk voor stuk uitgehaald. Ten tweede heb je de seine netters. Een groot net wordt met een skiff, dat is de bijboot, vanaf de vissersboot uitgevaren. De vissersboot vaart het net in een cirkel rond, het wordt vanonder dichtgetrokken zodat de vis er niet meer uit kan en vervolgens aan boord getakeld. De vis wordt in het ruim gekieperd. Elke visser heeft een tender waarmee hij een overeenkomst heeft. Tenders zijn grote boten die de vis van de vissers overnemen en naar de wal brengen, zodat de vissers op zee kunnen blijven. We moeten goed uitkijken waar we varen, want de netten die uitstaan zijn niet altijd goed zichtbaar.
Seine netting
Een net in de schroef is een ramp in dit koude water. In de tropen duikt Huib er zo in als we iets in de schroef hebben gekregen, maar hier kan dat niet zomaar. We hebben de marifoon aan staan en ik vermoed dat de vissers ons zelf ook scherp in de gaten houden en alarm slaan als wij hun kostbare nering kapot dreigen te varen. Voor het eerst zien we hier jumping fish. De zalmen springen letterlijk een gat in de lucht, soms vier, vijf keer achter elkaar. Een heel vrolijk gezicht, het ziet er naar uit dat ze er zelf ook veel lol in hebben. 
 
Drijfijs van de Columbia Glacier

We gaan richting Valdez. Daar is de beroemde Columbia Glacier, de laatste grote Amerikaanse tidal water glacier waarvan het terugtrekken uitgebreid is bestudeerd door glaciologen. In 1977 was die gletsjer 41.2 mijl lang en het ijs stroomde 1.3 mijl per jaar. In 1999 was de gletsjer nog maar 33.5 mijl lang en het ijs stroomde 5.5 mijl per jaar, dat wil zeggen, meer dan 25 meter per dag. In de tachtiger jaren van de vorige eeuw begon Columbia Glacier zich terug te trekken van zijn morene. Als dat gebeurt kalft de gletsjer snel af, want er is dan een veel groter oppervlak van zijn uiteinde aan het smeltende effect van het zeewater blootgesteld. Door het terugtrekken is de laatste jaren een 10 mijl diepe baai ontstaan die vol ligt met ijs. Afhankelijk van wind en getij drijft dit ijs ver de baai uit.
In maart 1989 krijgt de kapitein van de Exxon Valdez toestemming om koers te wijzigen, omdat er ijs in de scheepvaartroute van Valdez Arm drijft. Hij geeft zijn derde stuurman opdracht om een nieuwe koers in te zetten en trekt zich vervolgens in zijn vertrekken terug (verhaal gaat dat hij dronken is). Om onduidelijke redenen wordt de koers niet bijgesteld naar de oorspronkelijke, zodat de tanker op het Bligh Reef aan de grond loopt. 11 Miljoen gallon (40 miljoen liter) van de 53 miljoen gallon ruwe olie stroomt de zee in. Het is in de drie dagen daarna rustig weer, maar de schoonmaakactie komt slechts langzaam op gang. Boze tongen beweren dat gewacht wordt tot het schip van de familie van president Bush ter plekke is om de eerste cleaning uit te voeren. Daarna komt er een storm opzetten met orkaankracht, met als gevolg dat de olie naar het zuidwesten wordt geblazen en tenminste 1400 mijl kust verontreinigd raakt. De woede van de lokale bevolking is groot.

 
Valdez, AK

Wij moeten ook om een groot ijsveld heen varen, richting Valdez. We komen daar aan in de stromende regen in een mudvolle small boat harbor. Zo noemen ze hier de marina's waar kleinere vissersschepen en plezierboten door elkaar liggen. We liggen drie rijen dik. Maar er heerst een gezellige sfeer en de havenmeester is uiterst vriendelijk. Wij besteden vijf dagen aan inslaan van diesel, water, gas, boodschappen, doen van de was, olie verversen en filters vervangen. Valdez toont typische aspecten van rural America. De uitstallingen rond sommige bars en winkels liegen er niet om.

 

 
God bless...

Daarna gaan we op pad voor het laatste stuk van de Sound, richting Cordova, het derde stadje in de Sound, na Whittier en Valdez. Het weer zit niet meer mee. Het is weliswaar droog, maar zwaar bewolkt. Ik geniet nog steeds van de stilte en de mystiek van het in flarden wit gehulde landschap, maar Huib begint steeds meer genoeg te krijgen van het gemotor en het sombere weer. We besluiten om nog twee ankerplekken aan te doen, waarvan de gids beschrijft dat de kans groot is dat je er beren ziet. Die hebben we namelijk nog niet veel gezien. Overal waar zalmriviertjes uitmonden kun je vissende beren verwachten. We gaan naar Fish Bay, een veelbelovende naam. De baai is vrij ondiep, zodat we tamelijk ver van de kant liggen. De kopse kant valt helemaal droog bij eb. Als het schemerig wordt zitten we klaar met de verrekijker. En inderdaad, na lang wachten zien we twee beren rondrennen en splashen aan de oever. Die zijn aan het vissen! Even later zien we er nog een paar rondscharrelen. We besluiten om een dag te blijven en de volgende dag met de dinghy dichter naar de kant te gaan. Zo gezegd zo gedaan. Aan het begin van de middag is het weer laagwater, dus om een uur of twaalf stappen we in de dinghy en tuffen naar de kant. De bodem is modder met eelgrass. We varen tussen duizenden zalmen rond, die het water wat rood verkleuren en die rondom ons splashen en jumpen. We hadden al gehoord dat je bij zalmriviertjes over de zalmen kunt lopen en dat is dus echt zo. We zetten de motor uit en laten ons drijven. We wachten tot de beren hier de zalmen uit het water komen grijpen. Helaas, dat gebeurt niet, waarschijnlijk geen etenstijd. Het water is verder gezakt en wij liggen vast in de modder. Geen zin om zes uur te wachten stappen we uit en duwen de dinghy naar dieper water. Onze XTRA Tufs (Alaskaanse visserslaarzen) zuigen zich in de modder vast. Ik heb mijn laarzen heel fancy omgeslagen, zoals de dames hier dat plegen te doen, en die lopen dus direct vol. Huib heeft met zijn lange benen en dito laarzen, waar hij bovendien de pijpen van zijn spijkerbroek in heeft gestopt, nergens last van. Na drie dagen zijn mijn laarzen nog steeds niet helemaal droog. Pas 's avonds heel laat zien we één beer, te weinig om weer een dinghy toer te maken. De dag erna ankeren we bijna in de monding van een zalmriviertje waar we hele golven vis zien langskomen, maar geen beren. We houden het voor gezien en gaan naar Cordova. 

Cordova is alleen via het water of de lucht bereikbaar, er leidt geen weg naar toe. In de twintiger jaren van de vorige eeuw was het een booming town omdat er koper werd gevonden in de omgeving. Er kwam een spoorbaan en de haven werd belangrijk. Nadat de spoorweg en de mijnen sloten in 1938 werd Cordova helemaal afhankelijk van de visserij. Op Goede Vrijdag in 1964 is Alaska getroffen door een zware aardbeving, gevolgd door een tsunami. Het land rond Cordova werd hierbij twee meter opgetild en het stadje werd verwoest, inclusief de haven. In 1989 maakte de olieramp met de Exxon Valdez een einde aan de haringvisserij. Omdat haring vroeg in het seizoen wordt gevangen en dus zorgt voor inkomsten in het voorjaar, had dit opnieuw grote consequenties voor de vissersgemeenschap. De geschiedenis van Cordova is nauw verweven met de natuur waaraan zij haar bestaan te danken heeft. Onder cruisers staat het bekend als een prettige plek om te overwinteren. Maar dan moet je wel een flinke sneeuwschop aan boord hebben. In Cordova wachten we op gunstig weer om de Golf van Alaska over te steken naar Sitka, in Zuidoost Alaska.